Jongeren zoeken emotionele steun bij AI, ondanks privacyrisico's
Generatie Z gebruikt kunstmatige intelligentie (AI) op veel diepere manieren dan oudere generaties — vooral voor emotionele steun en advies. Een nieuw onderzoek toont dit aan, maar waarschuwt ook voor privacygevaren.
Een wereldwijd onderzoek van cybersecurity-bedrijf Kaspersky onder 7.200 mensen toont aan dat Gen Z — mensen geboren tussen ruwweg 1997 en 2012 — AI veel dieper in hun dagelijks leven integreert dan welke andere leeftijdsgroep dan ook. Jongeren gebruiken AI-chatbots (computerprogramma's waarmee je kunt chatten) niet alleen als zoekmachine of hulpmiddel, maar ook voor emotionele steun, advies en gezelschap.
Deze verschuiving zegt iets belangrijs over hoe jongeren technologie zien: niet alleen als gereedschap, maar als vertrouweling. Ze vragen AI om levensadvies, bespreken persoonlijke problemen en zoeken troost in moeilijke momenten. Het begrijpelijk — AI is altijd beschikbaar, oordeelt niet, en zal niks verder vertellen. Maar deze nabijheid heeft een groot nadeel.
Het onderzoek waarschuwt dat Gen Z de privacyrisico's vaak over het hoofd ziet. Elk gesprek dat je voert met een AI-service is data — informatie die wordt opgeslagen, geanalyseerd en mogelijk gedeeld of verkocht. Jongeren delen diep persoonlijke gedachten en gevoelens met systemen die ze misschien niet volledig begrijpen of vertrouwen. De bedrijven achter deze AI-tools verzamelen deze data, en het is niet altijd duidelijk hoe die gebruikt wordt of wie er toegang tot heeft.
De les: hoewel AI echt kan helpen om je minder alleen te voelen, is het belangrijk om te onthouden dat deze gesprekken niet privé zijn zoals met een vriend. Voordat je iets persoonlijks deelt met AI, is het goed jezelf af te vragen: Snap ik wat er met dit gesprek gebeurt? Wie ziet dit? En zou ik niet beter met een echt mens kunnen praten?
Originele bron: Newsmonkey.be
